Orte
3193 bis 3216 von 5568 Ergebnisse
-
Eener Schans/Zwartendijksterschans
Eener Schans/Zwartendijksterschans
Een-West
vanaf jouw locatie
-
Skûlenboarch
Skûlenboarch
Skûlenboarch
vanaf jouw locatie
-
theetuin Westerein
theetuin Westerein
Wjelsryp
vanaf jouw locatie
-
't Ponkje
't Ponkje
Woudsend
vanaf jouw locatie
-
Bed en Breakfast Marrum
Bed en Breakfast Marrum
Marrum
vanaf jouw locatie
-
Hervormde Kerk Wierum
Hervormde Kerk Wierum
Wierum
vanaf jouw locatie
-
Manege Gaasterland
Manege Gaasterland
Harich
vanaf jouw locatie
-
Luxe appartement
Luxe appartement
Gaastmeer
Sofort buchbar
vanaf jouw locatie
-
Die Befreiung Frieslands 1
Die Befreiung Frieslands 1
Anfang April wurde deutlich, dass die Befreiung Frieslands kurz bevorstand. Obwohl die Provinz nicht wie andere Teile der Niederlande unter einem echten Hungerwinter gelitten hatte, herrschte in der Provinz ein großer Mangel an fast allem. Und der Terror der Besatzer wuchs. Infolgedessen wurde auch der Widerstand gegen die Besatzer immer stärker. Der Kampf zwischen beiden war Anfang 1945 härter als je zuvor.
In Friesland waren die sogenannten Knokploegen (KP) [Schlägertruppen] für die meisten Widerstandshandlungen verantwortlich. Es gab aber auch noch andere Gruppen. Auf Anordnung der niederländischen Regierung in London wurden alle diese Gruppen in den niederländischen Inlandsstreitkräften (NBS) zusammengefasst. In Friesland geschah dies am 12. Dezember 1944.
Mit den NBS, im Volksmund BS genannt, erhielt der bewaffnete Widerstand eine Organisation mit klarer Struktur. Die NBS sollte auch bei der bevorstehenden Befreiung eine Rolle spielen. Zu diesem Zweck wurden die Widerstandsgruppen ab Herbst 1944 mit Waffen ausgestattet. Diese wurden aus der Luft abgeworfen.
Am 8. April sendete Radio Oranje die Nachricht "Die Flasche ist leer". Dies war das Signal für die NBS, 36 Stunden später mit den Sabotageaktionen zu beginnen. Ziel war es, den Deutschen die Verteidigung gegen die anrückenden alliierten Truppen so schwer wie möglich zu machen.Der Widerstand tat dies, indem er Brücken unpassierbar machte, Eisenbahnen lahm legte, Wasserwege blockierte und Straßen versperrte. Die Reaktion der Besatzungstruppen war unbarmherzig. Als Vergeltungsmaßnahme wurden Dutzende von Gefangenen zu verschiedenen Zeiten und an verschiedenen Orten erschossen.
Als die Kanadier am 12. April in Friesland einmarschierten, wurden sie vom friesischen Widerstand äußerst wirksam unterstützt. Da er hervorragend organisiert war, konnte er den Kanadiern helfen, wichtige Brücken unter Kontrolle zu bringen, beschädigte Brücken zu reparieren und sie über die günstigste Route zu beraten.
Am 18. April war die gesamte Provinz mit Ausnahme der Watteninseln befreit (diese wurden erst Ende Mai und im Juni befreit). Im Vergleich zu anderen Provinzen gab es in Friesland nur wenige Kämpfe. Im Allgemeinen wurden die wenigen tausend deutschen Soldaten, die nicht aus Friesland fliehen konnten, von den Kanadiern relativ schnell besiegt.
Der Kommandeur der Royal Canadian Dragoons, Oberstleutnant Landell, lobte die Aktionen des Widerstands mit den Worten "Friesland liberated herself". Das mag zwar etwas übertrieben sein, aber die Aktionen des friesischen Widerstands haben die Befreiung zweifellos beschleunigt. Und sie verringerten die Zahl der Opfer auf Seiten der Alliierten.
Bei den Auseinandersetzungen mit den deutschen Truppen und ihren niederländischen Komplizen verloren mindestens 31 Widerstandskämpfer ihr Leben. Auf der Seite der Alliierten starben mindestens 11 Kanadier und ein Franzose. Die Kämpfe und der Beschuss forderten auch Dutzende von Opfern unter der Zivilbevölkerung. Die Zahl der Opfer auf deutscher Seite ist nicht bekannt, geht aber wahrscheinlich in die Hunderte. Mit 320 zerstörten Häusern, 4.000 beschädigten Häusern und 80 zerstörten Brücken war Friesland die am wenigsten beschädigte Provinz der Niederlande.
Willemsoord
vanaf jouw locatie
-
-
De Heining: klimaatverandering
-
Aktivieren Sie Cookies, um diesen Inhalt anzuzeigen.
-
-
De Heining: klimaatverandering
(beluister hier het audioverhaal)
O, zo vervelend als je net op de fiets zit: een stortbui. Een extreme plensbui van meer dan 60 mm per etmaal is bovendien best zorgelijk. De waterbeheerders liggen er wel eens wakker van. Hoe moeten de Friese gemalen zoveel water in korte tijd afvoeren? En hoe moet dat in de toekomst, nu zware buien door klimaatverandering steeds vaker voorkomen?
De Heining, dit gemaal dat opvallend genoeg ín de dijk is gebouwd, helpt daarbij. Dat gebeurt alleen als het waterpeil in de Friese boezem, dat is het aan elkaar verbonden stelsel van vaarten en meren, te hoog staat. Deze vijzels kunnen dan 250 kubieke meter water per minuut naar zee pompen.
Het is een mooie assistentie voor de gemalen aan het IJsselmeer, maar de capaciteit is ook weer niet overweldigend als je vergelijkt met die gemalen in Lemmer en Stavoren, en zelfs niet met de gemalen Zwarte Haan en Roptazijl, die de polders hier verderop aan de kust drooghouden.
De Heining is dan ook onderdeel van een groter plan. Het is een uiting van een nieuwe manier van denken over waterbeheersing, een interne 'klimaatverandering' zou je kunnen zeggen. Meer meebewegen mét de natuur en het water in plaats van tegen de natuur en het water strijden. Dat is best spannend, want we hebben duizend jaar dijken gebouwd om ons tegen het geweld van de zee te beschermen.
En hoe doe je dat dan, anders naar waterbeheersing kijken? Door ruimte te maken voor extra waterberging in het binnenland bijvoorbeeld, zoals je hier kunt zien aan de brede vaarten, die natuurvriendelijke oevers hebben gekregen. En doordat het zeewater vrij spel heeft in een kweldergebied hoogt deze vanzelf door slib op. Over een paar jaar ontstaat hier dan al een natuurlijke buffer tegen de stijgende zeespiegel, als een golfbreker voor de dijk.
Het gemaal is ook een verbinding tussen zoet en zout water. Dit is goed voor trekvissen die 24 uur per dag door het gemaal kunnen zwemmen, maar ook voor kwelderplanten en wadvogels in het unieke buitendijkse kwelderlandschap.
Ingesproken door:
Samen met de andere leden van kunstenaarscollectief Observatorium werkt Ruud Reutelingsperger al jaren aan kunst in de openbare ruimte. Hierbij richt het collectief zich op het veranderende landschap en hoe het de nieuwsgierigheid kan prikkelen naar de wereld om ons heen.Ruud en zijn collega’s kennen Joop Mulder al sinds jaar en dag. “Joop en wij delen dezelfde passie; het landschap en de verhalen van mensen. We maakten wilde plannen, spraken bijzondere mensen en vooral van het buitendijkse gebied werden we lyrisch; kwelders en dobben die wij nog niet kenden. Hoe mooi zou het zijn als de mensen weer zelf land kunnen gaan maken, als bewoners hun relatie met het buitendijkse zelf nieuw leven in kunnen blazen en in samenwerking met kunstenaars ook de taal van de verbeelding gaan spreken; riepen wij hardop tegen de wind in naar elkaar.” Deze dynamische samenwerking leidde tot een drietal concrete projectvoorstellen; Terp van de Takomst, De Kromme Horne en de Golf van Termunterzijl. “Samen met Joop predikten we de slogan; Eerst geloven, dan zien.”
Dit verhaal is onderdeel van de route Gemalen Verhalen van Sense of Place
Marrum
vanaf jouw locatie
-
-
De Lekkerste van Leeuwarden
De Lekkerste van Leeuwarden
Leeuwarden
vanaf jouw locatie
-
Verzetsmonument Makkum
Verzetsmonument Makkum
Makkum
vanaf jouw locatie
-
Mirnserklif
Mirnserklif
Mirns
vanaf jouw locatie
-
Anno 1832
Anno 1832
Oosternijkerk
vanaf jouw locatie
-
Toxopeus op de dijk
Toxopeus op de dijk
Anjum
vanaf jouw locatie
-
Aan 't Kanaal
Aan 't Kanaal
Harlingen
vanaf jouw locatie
-
Escape Makkum
Escape Makkum
Makkum
vanaf jouw locatie
-
De Koornbeurs
De Koornbeurs
Gorredijk
vanaf jouw locatie
-
Bunkers van de Atlantikwall in Harlingen
Bunkers van de Atlantikwall in Harlingen
De bunkers in Harlingen maakten deel uit van de Atlantikwall: de ruim 6.000 kilometer lange Duitse verdedigingslinie van Noorwegen tot Spanje.
De Atlantikwall geldt als een van de grootste bouwwerken van de twintigste eeuw. De linie werd gebouwd in de jaren 1942 tot en met 1945 om een geallieerde invasie van het West-Europese vasteland vanuit zee onmogelijk te maken. De Atlantikwall was een serie losstaande, zelfstandige en aan alle kanten te verdedigen kleinere en grotere steunpunten die elkaar vuurondersteuning konden geven. In veel gevallen bestonden ze uit bomvrije bunkers, soms met een muur- en dakdikte van zeker twee meter gewapend beton. Door een gebrek aan arbeidskrachten, materieel en brandstof waren er vanaf 1 mei 1943 in Nederland slechts 510 bunkers van de geplande 2000 opgeleverd.
Harlingen werd in 1939 al voorzien als uitvalsbasis voor de door de Luftwaffe noodzakelijk geachte bezetting van de eilanden Terschelling, Vlieland en Ameland.
In 1942 werd de leiding van de kustverdediging overgedragen aan de marinetroepen in de stad Groningen. De Wehrmachtsbefehlshaber in den Niederlanden, General der Flieger, Friedrich Christiansen, bracht in 1943 een bezoek aan Harlingen en haar Hafenkapitän. Christiansen hield een landing zoals bij Normandië op de eilanden en bij de havenstad Harlingen voor mogelijk en maakte zich zorgen over de geringe gevechtskracht van de Wehrmacht ter plaatse.
In de Engelse Tuin in Harlingen ligt nog een Duitse bunker die onderdeel uitmaakte van de Atlantikwall. De bunker is twintig meter lang en vijf meter breed.
Deze bunker behoort tot de in totaal 27 bunkers in Harlingen. Het betreft de Commandopost Verbindingen – “Gefechtsstand” het zenuwcentrum tussen Kornwerderzand, Zurich en Franker – waarvandaan de Duitsers de Friese kustverdediging controleerden. De “Gefechtsstand” in de Engelse Tuin werd beschermd door drie kleinere bunkers, de zogenoemde. Tobruks. Dit waren kleine bunkertjes van gewapend beton waarin meestal eenmachinegeweer was opgesteld. Uiteindelijk bleek de bunker voor de Canadezen nauwelijks een hindernis bij de zuivering van de stad.
Na een korte artilleriebeschieting waadde de infanterie van de Highland Light Infantry of Canada in de avond van 16 april 1945 bij de Riedkade door de Ried. Met steun van een aantal Sherman tanks van de Sherbrooke Fusiliers werden de Duitsers aan de rand van Harlingen teruggedrongen. Eenmaal in de stad richtte de D Company van Captain William Douglas Tipper zich op de Franekerpoortsbrug en de Engelse Tuin. Vanwege de opgeblazen bruggen konden de tanks de stad niet in, maar dit lukte een aantal carriers wel. Deze lichte pantservoertuigen bewapend met een zwaar machinegeweer waren welkom in de stadsgevechten.
Rond 22.00 uur waren de Canadezen diep in het centrum doorgedrongen. Hierna werd de wil van de Duitsers om nog door te vechten snel gebroken. Omstreeks 4.30 uur was de stad in Canadese handen. Ook de Duitsers in de versterkte Engelse Tuin hadden de Canadezen niet kunnen ophouden.
Toen de Engelse Tuin in 2009 opnieuw werd ingericht was de bunker even zichtbaar. De drie Tobruks zijn allemaal met aarde opgevuld, maar nog steeds te zien. Eén ervan bevindt zich vlak bij de Hoogstraat, de andere twee liggen in het midden van de tuin.
De Engelse Tuin is aangelegd op het oude bolwerk, dat hoog boven de omgeving uittorende, en was daardoor een ideale plaats om de bunkers aan te leggen. De Tobruks waren verstopt in het park en daardoor van boven minder goed zichtbaar maar vanuit de bunker hadden de Duitsers ruim zich over de omgeving.
Harlingen
vanaf jouw locatie
-
-
Earnewâld Sloepverhuur
Earnewâld Sloepverhuur
Earnewald
vanaf jouw locatie
-
Nij Altoenae
Nij Altoenae
Nij Altoenae
vanaf jouw locatie
-
Kunstwerk Het Huneskip
Kunstwerk Het Huneskip
Joure
vanaf jouw locatie
-
Fluezen (Fluessen)
Fluezen (Fluessen)
Koudum
vanaf jouw locatie
-
de Geitenmeijerij
de Geitenmeijerij
Fochteloo
vanaf jouw locatie