Dit punt is onderdeel van de route 'It Paad Werom Terherne'. Bekijk hier de hele route. Deze route start bij het grote parkeerterrein in het dorp, Koailan 2.
Voor deze sprong doe ik een extra beroep op je verbeeldingsvermogen. We staan bij het ronde bankje en gaan terug naar het jaar 1540, in dezelfde tijd als de bouw van de Stins die we net zagen. Ga even rustig zitten als je dat fijn vindt.
Ben je zover? Oké, daar gaan we. Het is de tijd van de reformatie en ook Friesland keert zich tegen het katholicisme. Het is de tijd van ‘hagenpreken’ en overal ontstaan verscholen kerkjes. Zo ook op de plaats waar later de snackbar en het terras zouden staan, staat een schuilkerk in de vorm van een oude schuur. Dit is één van de eerste Doopsgezinde gemeentes. Van buiten ziet het eruit als een schuur, maar binnen waan je je in een kerk, compleet met preekstoel. Het huis rechts van De Pastorij is de oude pastoriewoning. ‘t Far loopt hier omheen en waar later dit pleintje is, staan nog een paar oude huisjes aan het water. Deze huisjes worden pas in je jaren zestig van de 20e eeuw afgebroken. Oke, even bijgekomen? We gaan weer verder!
De illusie van tijd leerde ons al dat wij over water kunnen lopen, en dus loop maar mee, tussen de grote keien door naar de T-splitsing.
Dit punt is onderdeel van de route 'It Paad Werom Terherne'. Klik hier om terug te gaan naar de route. Deze route start bij het grote parkeerterrein in het dorp, Koailan 2.
Terherne
Klokken uit de Harlinger torens gestolen
Klokken uit de Harlinger torens gestolen
Tijdens de oorlog werden zijn er door de bezetter duizenden Nederlandse carillons en kerkklokken uit de torens gestolen. De meeste klokken werden omgesmolten en het metaal werd gebruikt in de Duitse oorlogsindustrie. De helft van alle gestolen klokken bleef gelukkig bewaard en kwam terug naar de torens in de dorpen en steden.
Vanaf het begin van de Duitse bezetting in 1940 mochten de klokken niet meer geluid worden. In juni 1941 werd een bevel uitgevaardigd dat metalen voorwerpen zoals lood, koper en tin moesten worden ingeleverd, maar o.a. kerkklokken vielen daar toen niet onder. Omdat in de loop van de oorlog de metalen zeer schaars werden, werd die uitzondering in de herfst van 1942 ingetrokken. Op onttrekking stond een sanctie oplopend tot een gevangenisstraf van 5 jaar.
In totaal zijn in Nederland 6700 klokken uit hun torens gehaald.
Op 11 maart 1943 werden de klokken uit de toen van de R.K. kerk gehaald. 12 maart volgden de klokken van de Raadhuistoren en op 12 april onderging de klok van de N.H. kerk hetzelfde lot.
De klok van het vroegere kantongerechtsgebouw, in de Volksmond het “Havenmantsje”, was al eerder verdwenen toen het door de Duitsers bovenste stuk van de toren werd gesloopt.
Na de oorlog bleek dat niet alle klokken al waren omgesmolten. 150 klokken van allerlei formaat en uit heel Friesland werden op zondag 18 november 1945 weer aangevoerd in de haven van Harlingen. Maandags werd dit historische feit op plechtige wijze herdacht. En, zoals gebruikelijk, voerde een rij aan sprekers daarbij het woord.
De klok van het “Havenmantsje”, daterend uit 1562, is in 1947 in Frankrijk (!) aangetroffen en is nadien weer teruggeplaatst.
Uiteindelijk bleek dat alleen de klokken van de RK Kerk al waren omgesmolten. Voor dit verlies was een schadevergoeding per kilo vastgesteld en zo werd voor deze geroofde klokken een schadevergoeding van ƒ 3117,- betaald, vermeerderd met ƒ 590,90 rente, bij lange na niet genoeg om nieuwe klokken van te laten gieten.