KWASTSTREPEN OP LINNENDOOK Skreppe, klauwe, treeride Streekride, út it eend sotte. De klankkleur fan In earste slach fan in lik bôrn Efter in stultjen of slide. Om de echte streek Te pakjen te kriien. Jûnge stylisten Beworkje it iis As kwaststreepen Op in linnendook. Priis of preemje Blieuwt tûzjoers de fraich. Warbere wintermannen Mei weargles en Skoewboarden yn tou. Baske glodde baentjes Op it Yselmor, Yn de haivenkom, De Sylroede of de Yndyk. Pûiermôlken So no en den. Ride, beljeie op Befôrzen iikonisje Raffeliche ynhammen. Stikjes iis útseeke Tróch maanse earstelingen. Yn in feaniche Earste en twadde plasse Fan de Stoenckerne, Wur yn it förjier bremstiche, Leepen, skreesen en teitjes Tredje yn it blaue gers.
Voordat de Canadese infanteristen de aanval op Harlingen konden inzetten, moest eerst het 20 mm Flak en ander geschut worden uitgeschakeld.
Harlingen werd niet alleen aan de zeezijde door de Duitsers verdedigd maar ook aan de oostzijde waren er verdedigingswerken. Zo waren daar mijnenvelden aangelegd, was er een tankgracht gegraven en stond er op de Midlumerweg (nu: Midlumerlaan) ook een stuk 47 mm geschut opgesteld. Bovendien waren bij het bunkercomplex in de Engelse Tuin ook betonnen bunkers en mitrailleurnesten aangelegd. Op de tekeningen hieronder zijn de alle Duitse verdedigingswerken weergeven.
De artillerie en de zoeklichten die, die nacht van 16 op 17 april het luchtruim boven Harlingen verlichtten, waren in de omgeving van Herbaijum opgesteld. De beschieting werd uitgevoerd door het 14th Field Regiment en 7th Medium Regiment Royal Canadian Artillery. En werd van de kant van de weg bij een boerderij voorbij het Oude Station geleid.
Na de beschieting, waarbij zes van de negen 40-mm kanonnen door voltreffers werden uitgeschakeld, trokken de circa negenhonderd infanteristen van de Highland Infantry of Canada ondersteund door Sherman tanks van de Sherbrooke Fusiliers op richting Harlingen.
De professionele wijze waarop onder andere vanuit de jeep de beschieting werd geleid en het vuur zo nodig werd verlegd maakte grote indruk op de Harlinger sectiecommandant van de Binnenlandse Strijdkrachten, de heer Heeger. Dat gold ook voor de nonchalant fluitende en rokende Canadezen die, in tegenstelling tot wat ze gewend waren van de Duitse militairen, aan beide zijden van de weg voorbij trokken in de richting van Harlingen.