Locaties
1465 t/m 1488 van 6063 resultaten
-
Golfclub De Groene Ster
Golfclub De Groene Ster Leeuwarden
-
Rixt van het Oerd | Beeldenroute Olterterp
Rixt van het Oerd | Beeldenroute Olterterp Olterterp
-
Korenmolen De Volharding (voormalig)
Korenmolen De Volharding (voormalig)
Heerenveen
-
VVV Terschelling
VVV Terschelling Terschelling West
Duurzaamheidsinfo
-
Natuurmuseum Fryslân
Natuurmuseum Fryslân Leeuwarden
-
Einekoaien Lytse Geast en Ketelermar
Einekoaien Lytse Geast en Ketelermar Tietjerk
-
De Zeezeilers van Marken
De Zeezeilers van Marken Harlingen
-
Camping Hammerslag
Camping Hammerslag Westergeest
-
Midlum en de aanval op Harlingen
Midlum en de aanval op Harlingen
In de avond van 16 april 1945, net voor half acht,begon de Canadese artillerie met een beschieting van de Duitse posities in Harlingen.
De kerktoren in Midlum heeft tijdens de beschieting als waarnemingspost gediend van het 14th Field Regiment Royal Canadian Artillery. De toren werd bemand door een aantal Canadezen met een radiozender en stafkaarten. De Duitsers schoten vanuit Harlingen terug en de toren is daarbij tweemaal getroffen. Daarbij raakten de Canadese officieren lieutenant colonel George Alleyne Browne, lieutenant Gordon Edward Whitaker gewond. Whitaker werd bij de beschieting verwond aan zijn ruggengraat en raakte daardoor levenslang verlamd. Hij wordt met de drie inwoners van Midlum die tijdens de oorlog zijn omgekomen geëerd op het oorlogsmonument bij de kerk. Browne, de commandant van het 14th Field Regiment, raakte slechts licht gewond en kon zijn taak direct weer hervatten.
Verder is ook een Auster verkenningsvliegtuig ingezet waarmee vanuit de lucht waarnemingen werden verricht. Dat was een klein tweepersoonsvliegtuigje dat langzaam kon vliegen en daarmee uitermate geschikt was voor artillerieverkenning. De piloot en de waarnemer zaten daarbij naast elkaar en gaven hun waarnemingen via de radio door aan de vuurleiding. De vuurleider zat samen met de sectiecommandant Cleem Heeger in een jeep langs de kant van de weg bij een boerderij vlak bij het Oude Station aan de Harlingerstraatweg vlak achter Midlum. Heeger heeft later over het verkenningsvliegtuig gezegd dat het verkenningsvliegtuig zo langzaam vloog dat “het leek alsof het stilstond in de lucht”.
Dat de Canadezen de beschietingen zo nauwkeurig en gericht hebben kunnen uitvoeren, is echter vooral te danken aan de kaarten van Harlingen gemaakt door Arie Veth. De Bureauhouder van de Geheime Dienst Nederland (GDN) J.C.A.H. van Stapele, die de kaarten naar de Canadezen heeft gebracht, schrijft hierover in zijn verslag: ‘Dankzij de nauwkeurig in kaart gebrachte Duitse geschutstellingen heeft de Canadese artillerie van Harlingen geen puinhoop behoeven te maken, doch met slechts luttele welgerichte salvo’s de Duitsers tot overgave gedwongen’.Een andere reden dat de Duitse posities snel en effectief konden worden uitgeschakeld was het optreden van het B Squadron van het 7th Reconnaissance Regiment Duke of Yorks Royal Canadian Hussars. Door Duits vuur uit te lokken, kon 7th Reconnaissance Regiment vanuit Midlum enkele posities van de Duitsers vaststellen. De coördinaten werden doorgegeven aan de artillerie. Commandant Major Charles Wesley MacLean werd onder meer vanwege dit moedige optreden bij Midlum, op 10 november 1945 onderscheiden met de Distinguished Service Order (DSO).
De aanval op Harlingen begon vlak voordat de artillerie zou zwijgen. Vanaf 20.00 uur zette de infanterie van de Highland Light Infantry of Canada, ondersteund door tanks van de Sherbrooke Fusiliers de aanval in. Tijdens zware gevechten wisten de Canadezen rond 22.30 uur de binnenstad binnen te dringen. Op 17 april om 4.30 uur in de ochtend waren de Duitsers in de stad verslagen. Circa vijfhonderd van hen werden gevangengenomen.
Midlum
-
Centrum Heerenveen
Centrum Heerenveen Heerenveen
-
Zeekraal bij de Zwarte Haan
Zeekraal bij de Zwarte Haan Zwarte Haan
-
Sneek (Snits)
Sneek (Snits) Sneek
-
TOP Oudemirdum
TOP Oudemirdum Oudemirdum
-
St. Christoffelsteeg
St. Christoffelsteeg Harlingen
-
Herdenkingstoorts Jeen Hornstra
Herdenkingstoorts Jeen Hornstra Wijckel
-
Folkert Smit, oorlogsslachtoffer in 1944
Folkert Smit, oorlogsslachtoffer in 1944
Folkert Smit (12 januari 1908 – 7 november 1944) werkte tijdens de oorlog bij de Spoorwegen. Hij werd tijdens een vluchtpoging doodgeschoten.
Op de ochtend van 7 november 1944 werd in de rietlanden bij Buitenpost geschoten, toen een patrouille van de Duitse Feldgendarmerie daar onverwacht op zoek ging. Even later werd de tienjarige Tsjerk Smit gevraagd mee te komen om te kijken of de man die dood in het riet lag, zijn vader was: Folkert Smit, 36 jaar oud.
Tsjerk heeft die gebeurtenis zijn leven lang met zich meegedragen. Zijn vader werkte nog maar kort bij de Nederlandse Spoorwegen als overwegwachter. Tijdens de spoorwegstaking dook hij onder in Buitenpost, maar begin november kreeg hij een waarschuwing voor een razzia. Daarom ging hij terug naar huis en vertrok de volgende ochtend opnieuw, samen met een buurman die ook weigerde voor de Duitsers te werken.
In het riet werden ze ontdekt door Duitse militairen, die hen sommeerden hun handen op te steken. Smit weigerde, omdat hij niets verkeerd had gedaan. Daarop werd er geschoten, met fatale gevolgen.
Ter nagedachtenis aan Folkert Smit hebben collega’s van de spoorwegen een gedenkplaat geplaatst op het station van zijn woonplaats.
Buitenpost
-
Motorcamping 't Witveen
Motorcamping 't Witveen Eastermar
-
Sint-Gertrudiskerk Lytsewierrum
Sint-Gertrudiskerk Lytsewierrum Lytsewierrum
-
Kunstwerk De Veengravers
Kunstwerk De Veengravers Ravenswoud
-
B&B Thús by ús
B&B Thús by ús Beetsterzwaag
-
Huis met de twintig kamertjes
Huis met de twintig kamertjes Tytsjerk
-
Vakantiepark Boomhiemke
Vakantiepark Boomhiemke Hollum
-
Kokkels en oesters rapen bij de Oeltjes
Kokkels en oesters rapen bij de Oeltjes Oosterend Terschelling
-
Noordwolde eerste dorp over land bevrijd
Noordwolde eerste dorp over land bevrijd
In de avond van 11 april 1945 arriveerden eenheden van het Canadese verkenningsregiment Royal Canadian Dragoons bij Dwingeloo, vlak voor de zogenoemde Frieslandriegel. Deze verdedigingslinie was kort daarvoor met inzet van vele Nederlandse dwangarbeiders aangelegd. De linie werd echter nauwelijks bezet en bleek uiteindelijk verkeerd aangelegd. De taak van de Dragoons was om ver voor de rest van de Canadese eenheden de weg te verkennen. En zij constateerden dat de Duitsers in dit gebied nauwelijks nog in staat waren om zich effectief te verdedigen. Mede daarom werd op 11 april besloten om eenheden van de 3e Canadese Infanterie Divisie en ondersteunende eenheden in de volgende dagen een sprong te laten maken naar Leeuwarden. Als de Friese hoofdstad en mogelijk ook de rest van Friesland kon worden ingenomen dan zaten de Duitsers ingesloten in het westen van Nederland. Want ook grote delen van Overijssel en Gelderland waren inmiddels bevrijd. De infanterie moest via Zwolle, Meppel, Steenwijk, Heerenveen naar Leeuwarden optrekken. Om hen zo snel mogelijk in Leeuwarden te krijgen werden allerhande extra voertuigen geregeld. Intussen zouden de Royal Canadian Dragoons en niet veel later ook een ander verkenningsregiment, de Duke of York´s Royal Canadian Hussars, Friesland binnentrekken om daar de geplande hoofdroute te verkennen. En om zoveel mogelijk chaos onder de Duitse verdedigers te stichten.
Dankzij de burgers van het Drentse Dieverbrug werd er een noodbrug over de Drentse Hoofdvaart gebouwd zodat de Canadese voertuigen naar Friesland konden oprukken. In de ochtend van 12 april waren de Dragoons vervolgens de eerste Canadese landeenheid die de provincie Friesland binnentrok. Het dorp Noordwolde was als eerste bevrijd. Hoewel dit eerste Friese dorpje zonder strijd ingenomen kon worden, werd er direct ten noorden van Noordwolde wel kort gevochten. Zo’n twintig Duitsers en Nederlandse handlangers probeerden de Canadezen nog enige tijd op te houden. Na een kort gevecht maakten de Duitsers aldaar zich uit de voeten met achterlating van al hun uitrusting. Anderen waaronder ook tien Nederlandse handlangers van de Landwacht en de Ordnungspolizei werden gevangengenomen.
Maar de allereerste bevrijders, die voet zetten op Fries grondgebied, waren Franse SAS parachutisten van het 3e Régiment de Chasseurs Parachutistes. In de nacht van 7 op 8 april werden iets meer dan 700 van hen gedropt boven Drenthe en Zuidoost Friesland. Zij hadden als taak om de geallieerde grondoperatie te ondersteunen. Dat deden zij door achter de Duitse linies chaos te stichten, bruggen te veroveren en samen met het verzet allerlei operaties uit te voeren. Zij moesten hiermee doorgaan totdat de Canadese grondeenheden hen bereikten. Een klein gedeelte kwam bij Appelscha en Haulerwijk terecht en voerde daar hun missies uit. Hierbij sneuvelde op 8 april de 21-jarige Chasseur de 2e Classe (soldaat 2e klasse) Henri Pintaud.
Noordwolde