Locaties
4777 t/m 4800 van 5770 resultaten
-
Rustpunt Ka en Ko
Rustpunt Ka en Ko Oentsjerk
-
Vakantievilla Waterworld
Vakantievilla Waterworld Heeg
-
Sloep Events Friesland
Sloep Events Friesland Woudsend
Tip
Direct boekbaar
-
Vakantiehuis Lytse Mar
Vakantiehuis Lytse Mar Idskenhuizen
Direct boekbaar
-
De Heining: klimaatverandering
De Heining: klimaatverandering
(beluister hier het audioverhaal)
O, zo vervelend als je net op de fiets zit: een stortbui. Een extreme plensbui van meer dan 60 mm per etmaal is bovendien best zorgelijk. De waterbeheerders liggen er wel eens wakker van. Hoe moeten de Friese gemalen zoveel water in korte tijd afvoeren? En hoe moet dat in de toekomst, nu zware buien door klimaatverandering steeds vaker voorkomen?
De Heining, dit gemaal dat opvallend genoeg ín de dijk is gebouwd, helpt daarbij. Dat gebeurt alleen als het waterpeil in de Friese boezem, dat is het aan elkaar verbonden stelsel van vaarten en meren, te hoog staat. Deze vijzels kunnen dan 250 kubieke meter water per minuut naar zee pompen.
Het is een mooie assistentie voor de gemalen aan het IJsselmeer, maar de capaciteit is ook weer niet overweldigend als je vergelijkt met die gemalen in Lemmer en Stavoren, en zelfs niet met de gemalen Zwarte Haan en Roptazijl, die de polders hier verderop aan de kust drooghouden.
De Heining is dan ook onderdeel van een groter plan. Het is een uiting van een nieuwe manier van denken over waterbeheersing, een interne 'klimaatverandering' zou je kunnen zeggen. Meer meebewegen mét de natuur en het water in plaats van tegen de natuur en het water strijden. Dat is best spannend, want we hebben duizend jaar dijken gebouwd om ons tegen het geweld van de zee te beschermen.
En hoe doe je dat dan, anders naar waterbeheersing kijken? Door ruimte te maken voor extra waterberging in het binnenland bijvoorbeeld, zoals je hier kunt zien aan de brede vaarten, die natuurvriendelijke oevers hebben gekregen. En doordat het zeewater vrij spel heeft in een kweldergebied hoogt deze vanzelf door slib op. Over een paar jaar ontstaat hier dan al een natuurlijke buffer tegen de stijgende zeespiegel, als een golfbreker voor de dijk.
Het gemaal is ook een verbinding tussen zoet en zout water. Dit is goed voor trekvissen die 24 uur per dag door het gemaal kunnen zwemmen, maar ook voor kwelderplanten en wadvogels in het unieke buitendijkse kwelderlandschap.
Ingesproken door:
Samen met de andere leden van kunstenaarscollectief Observatorium werkt Ruud Reutelingsperger al jaren aan kunst in de openbare ruimte. Hierbij richt het collectief zich op het veranderende landschap en hoe het de nieuwsgierigheid kan prikkelen naar de wereld om ons heen.Ruud en zijn collega’s kennen Joop Mulder al sinds jaar en dag. “Joop en wij delen dezelfde passie; het landschap en de verhalen van mensen. We maakten wilde plannen, spraken bijzondere mensen en vooral van het buitendijkse gebied werden we lyrisch; kwelders en dobben die wij nog niet kenden. Hoe mooi zou het zijn als de mensen weer zelf land kunnen gaan maken, als bewoners hun relatie met het buitendijkse zelf nieuw leven in kunnen blazen en in samenwerking met kunstenaars ook de taal van de verbeelding gaan spreken; riepen wij hardop tegen de wind in naar elkaar.” Deze dynamische samenwerking leidde tot een drietal concrete projectvoorstellen; Terp van de Takomst, De Kromme Horne en de Golf van Termunterzijl. “Samen met Joop predikten we de slogan; Eerst geloven, dan zien.”
Dit verhaal is onderdeel van de route Gemalen Verhalen van Sense of Place
Marrum
-
Vakantieboerderij Uitwellingerga
Vakantieboerderij Uitwellingerga Uitwellingerga
Direct boekbaar
-
Boonweg: gras en schapen
Boonweg: gras en schapen
(beluister hier het audioverhaal)
Het is bijna niet voor te stellen dat de zee deze dijk kan verslaan. Toch was er in de laatste veertig jaar een keer of acht serieuze dijkbewaking nodig. Rinus en Sander Dorst van Zeedefensie zijn dan ook altijd voorbereid. Hier in de werkplaats hangen de zaklampen aan de muur, de portofoons staan aan de lader en ligt het draaiboek op tafel. Voor het geval dát.
Vader en zoon Dorst liggen er niet wakker van, ze weten namelijk precies hoe de dijk erbij ligt. Elke week inspecteren ze de 25 kilometer dijk tussen Harlingen en Nieuwebildtzijl. En elke dag zijn ze hier sowieso te vinden, voor onderhoud en beheer. Zo gooien ze bijvoorbeeld kuilen dicht die door honden zijn gegraven en vangen ze ongeveer 150 mollen per jaar in hun klemmen.
Is dat nou echt nodig? Ja, want gangen, gaten en kuilen kunnen de dijk behoorlijk verzwakken. Ook is de grasmat superbelangrijk om de bovenlaag sterk te houden, hiervoor wordt een mengsel van zes soorten diepwortelend gras gebruikt. Als 80% van een vierkante meter grasmat ook daadwerkelijk uit grassprietjes bestaat, zijn de mannen dik tevreden.
Het gras wordt onderhouden door de schapen die je tussen april en oktober op de dijk ziet grazen. Met hun 'gouden voetjes' trappen ze de grond precies genoeg in en zorgen ze zo voor de ideale stevigheid. Vroeger graasden er ook wel koeien, maar hun hoeven deden meer kwaad dan goed.
De droogte van de laatste zomers baart wel eens zorgen. Schapen hebben soms nauwelijks genoeg te eten en enkele dijkvakken moesten opnieuw ingezaaid worden. Ook zette het waterschap voor het eerst een egger in, een machine die onkruid uit het gras haalt.
Andere soorten grassen en kruiden op de dijk zouden trouwens best een idee zijn, maar of dat veilig is? De proefvakken die je onderweg zag, laten vooralsnog zien dat de combinatie van schapen en gras het beste is voor de stevigheid van de dijk.
Aan de 'achterkant' van de dijk vind je geen gras maar asfalt, met daaronder steen en zand. In de jaren negentig bleek het asfalt zo zwak dat uit voorzorg breuksteen en grond bij de werkplaats is neergelegd. Je weet immers maar nooit. Intussen wordt er ook een proef gedaan met innovatieve asfaltbekleding.
Ingesproken door:
De van oorsprong Friese Esther Kokmeijer is kunstenares, ontdekker, designer and fotograaf. Ze woont tegenwoordig in Rotterdam, maar werkt overal ter wereld.
Esther werkt met Joop Mulder aan een serie projecten waarmee ze met korenbloemen verhalen over water zichtbaar wil maken. Een zee van bloemen, een terp omringd door water, een dijkdoorbraak en Holwerd aan zee, zichtbaar gemaakt met miljoenen bloeiende Korenbloemen. “Inspirerend hoe Joop zo begaan was met het prachtig Waddengebied. Hoe hij verhalen over dit bijzondere landschap tot leven wist te brengen en zich inzette om intieme ontmoetingen te creëren met dit landschap.”
Dit verhaal is onderdeel van de route Gemalen Verhalen van Sense of Place Sint Jacobiparochie
-
Duitse krijgsgevangen via Harlingen afgevoerd naar Duitsland
Duitse krijgsgevangen via Harlingen afgevoerd naar Duitsland
Op dit punt lag vroeger de Postbootsteiger. De aanlegplaats voor de veerdienst naar Vlieland en Terschelling. Deze veerdienst werd tijdens de oorlog 'gewoon' gebruikt. De haven van Harlingen werd na de oorlog gebruikt om Duitse krijgsgevangenen af te voeren naar Duitsland.
Veel Duitse militairen zijn in de laatste dagen voor de bevrijding via Harlingen gevlucht naar Noord-Holland, dat onderdeel was van “Festung Holland”. Dat gebeurde te voet en met rij- en voertuigen via de Afsluitdijk, maar ook met schepen via de haven van Harlingen.
Na de capitulatie van Nazi-Duitsland werd de haven gebruikt om Duitse krijgsgevangenen uit Noord-Holland naar Duitsland af te voeren. Friesland lag op de route. Van de circa 140.000 krijgsgevangen werden er op 21 mei ongeveer 25.000 met schepen en landingsvaartuigen vanuit Den Helder naar Harlingen overgebracht.
Het merendeel van de krijgsgevangenen werd vanaf 25 mei 1945 tot en met 5 juni 1945 in grote groepen over de Afsluitdijk naar Friesland geleid onder escorte van Canadese eenheden. In het gebied tussen Zurig, Witmarsum en Pingjum werd er een rustpauze ingelast. Daarna werd de voettocht hervat via Bolsward, Sneek, Akkrum, Beetsterzwaag, Siegerswoude en Bakkeveen richting Duitsland.
De Harlinger haven werd ook gebruikt om Nederlandse collaborateurs, die naar Terschelling waren gevlucht, door te sturen naar de verschillende interneringkampen. Zo werd op deze plek werd ook de naar Terschelling gevluchte NSB-burgemeester van Harlingen P.J.E. Dekker, weer aan wal gebracht.
Harlingen
-
Harichsterbos
Harichsterbos Harich
-
Huis van Mr. Klaas Bijlsma - Kaatskuier
Huis van Mr. Klaas Bijlsma - Kaatskuier Franeker
-
Sterrenschans
Sterrenschans Bakkeveen
-
Klokken uit de Harlinger torens gestolen
Klokken uit de Harlinger torens gestolen
Tijdens de oorlog werden zijn er door de bezetter duizenden Nederlandse carillons en kerkklokken uit de torens gestolen. De meeste klokken werden omgesmolten en het metaal werd gebruikt in de Duitse oorlogsindustrie. De helft van alle gestolen klokken bleef gelukkig bewaard en kwam terug naar de torens in de dorpen en steden.
Vanaf het begin van de Duitse bezetting in 1940 mochten de klokken niet meer geluid worden.
In juni 1941 werd een bevel uitgevaardigd dat metalen voorwerpen zoals lood, koper en tin moesten worden ingeleverd, maar o.a. kerkklokken vielen daar toen niet onder. Omdat in de loop van de oorlog de metalen zeer schaars werden, werd die uitzondering in de herfst van 1942 ingetrokken. Op onttrekking stond een sanctie oplopend tot een gevangenisstraf van 5 jaar.In totaal zijn in Nederland 6700 klokken uit hun torens gehaald.
Op 11 maart 1943 werden de klokken uit de toen van de R.K. kerk gehaald. 12 maart volgden de klokken van de Raadhuistoren en op 12 april onderging de klok van de N.H. kerk hetzelfde lot.De klok van het vroegere kantongerechtsgebouw, in de Volksmond het “Havenmantsje”, was al eerder verdwenen toen het door de Duitsers bovenste stuk van de toren werd gesloopt.
Na de oorlog bleek dat niet alle klokken al waren omgesmolten. 150 klokken van allerlei formaat en uit heel Friesland werden op zondag 18 november 1945 weer aangevoerd in de haven van Harlingen. Maandags werd dit historische feit op plechtige wijze herdacht. En, zoals gebruikelijk, voerde een rij aan sprekers daarbij het woord.
De klok van het “Havenmantsje”, daterend uit 1562, is in 1947 in Frankrijk (!) aangetroffen en is nadien weer teruggeplaatst.
Uiteindelijk bleek dat alleen de klokken van de RK Kerk al waren omgesmolten. Voor dit verlies was een schadevergoeding per kilo vastgesteld en zo werd voor deze geroofde klokken een schadevergoeding van ƒ 3117,- betaald, vermeerderd met ƒ 590,90 rente, bij lange na niet genoeg om nieuwe klokken van te laten gieten.
Harlingen
-
Westhoek: verzilting
Westhoek: verzilting
(beluister hier het audioverhaal)
Al eeuwenlang plukken kustbewoners vruchten van deze bodem, die ooit zee was. En dat is letterlijk zo, de (poot)aardappelteelt van deze streek is bijvoorbeeld van wereldklasse. Toch is er ook een keerzijde. Het zoutgehalte in kustgebieden neemt namelijk zo ver toe dat problemen ontstaan in de landbouw.
Je kunt je wel voorstellen wat er gebeurt als een gewas teveel zout krijgt. In dit gebied hier rond Westhoek komt het zoute grondwater gelukkig niet zo hoog dat de wortels van de gewassen erin groeien. Maar in de zomer kunnen boeren hun droge akkers soms niet beregenen met water uit de sloten en vaarten omdat het zoutgehalte te hoog is.
Het Wetterskip zet deze pomp hier beneden bij het veerooster (en andere stuwen en opmalingen in heel Friesland) in tegen de verzilting, door de vaarten en kanalen door te spoelen met zoet water dat uit de Friese boezem komt.
De Friese boezem is de benaming voor de aan elkaar verbonden kanalen en meren in Friesland met een streefpeil van 0,52 meter onder Normaal Amsterdams Peil (NAP). Dat NAP is het nulpunt dat we in Nederland gebruiken om hoogtes met elkaar te vergelijken. Een onmisbaar instrument.
Het zoete water dat naar deze polder komt, die in de jaren zeventig van de vorige eeuw van de boezem is afgesloten, wordt bij de sluis van Wier 6 km verderop ingelaten. Het zoute water stroomt naar het gemaal in Zwarte Haan en vandaar naar zee. Probleem opgelost, voor even.
De toenemende zeespiegelstijging zorgt voor een hogere druk van het zoute zeewater op de kustgebieden. De bodem van het land klinkt in, en daalt ook door delfstoffenwinning, en het zoute grondwater zit dus dichterbij de oppervlakte. De zoete laag boven het zoute grondwater wordt ook nog eens dunner omdat de zomers tegenwoordig vaak erg droog zijn.
Het probleem speelt niet alleen hier, maar wereldwijd. Er wordt daarom steeds vaker gekeken naar zouttolerante gewassen voor de toekomst, gewassen die goed tegen zout kunnen dus. Want doorspoelen met zoet water werkt wel, maar het is ook een kostbare manier. Ook op andere manieren wordt daarom al meer zoet water vastgehouden, door bijvoorbeeld oevers te verbreden.
Ingesproken door:
Nienke Brokke beschrijft zichzelf als een kunstenaar die gaat waar het verhaal is. Haar werk uit zich van video-installaties tot land-art. Nienke organiseert buurtprojecten waarbij ze met de bewoners iedere beeldende discipline gebruik om hun verhalen samen te verbeelden. Van animatiefilms tot zandsculpturen.In 1997 studeerde zij af op de Rietveld theatervormgeving/Art-direction. Joop was daarbij de examinator. 17 jaar na dato nam hij contact op omdat haar examenwerk hem bijgebleven was. “Joop was bevlogen met veel ervaring en verstand van uiteenlopend theater en kunstdisciplines. Een man met twee blote voeten stevig op de grond.
Vanaf de eerste ontmoeting was het alsof hij familie van me was. Hartelijk, oude jongens krentenbrood zeg maar. We bespraken grootse plannen. Verfrissend voor mij om mee te gaan in zijn onstuitbare enthousiasme en projecten te bedenken.”
Dit verhaal is onderdeel van de route Gemalen Verhalen van Sense of Place
Westhoek
-
NØRD Conceptstore
NØRD Conceptstore Leeuwarden
-
Bed and Breakfast de Ruimte
Bed and Breakfast de Ruimte Harlingen
-
Bunkers van de Atlantikwall in Harlingen
Bunkers van de Atlantikwall in Harlingen
De bunkers in Harlingen maakten deel uit van de Atlantikwall: de ruim 6.000 kilometer lange Duitse verdedigingslinie van Noorwegen tot Spanje.
De Atlantikwall geldt als een van de grootste bouwwerken van de twintigste eeuw. De linie werd gebouwd in de jaren 1942 tot en met 1945 om een geallieerde invasie van het West-Europese vasteland vanuit zee onmogelijk te maken. De Atlantikwall was een serie losstaande, zelfstandige en aan alle kanten te verdedigen kleinere en grotere steunpunten die elkaar vuurondersteuning konden geven. In veel gevallen bestonden ze uit bomvrije bunkers, soms met een muur- en dakdikte van zeker twee meter gewapend beton. Door een gebrek aan arbeidskrachten, materieel en brandstof waren er vanaf 1 mei 1943 in Nederland slechts 510 bunkers van de geplande 2000 opgeleverd.
Harlingen werd in 1939 al voorzien als uitvalsbasis voor de door de Luftwaffe noodzakelijk geachte bezetting van de eilanden Terschelling, Vlieland en Ameland.
In 1942 werd de leiding van de kustverdediging overgedragen aan de marinetroepen in de stad Groningen. De Wehrmachtsbefehlshaber in den Niederlanden, General der Flieger, Friedrich Christiansen, bracht in 1943 een bezoek aan Harlingen en haar Hafenkapitän. Christiansen hield een landing zoals bij Normandië op de eilanden en bij de havenstad Harlingen voor mogelijk en maakte zich zorgen over de geringe gevechtskracht van de Wehrmacht ter plaatse.
In de Engelse Tuin in Harlingen ligt nog een Duitse bunker die onderdeel uitmaakte van de Atlantikwall. De bunker is twintig meter lang en vijf meter breed.
Deze bunker behoort tot de in totaal 27 bunkers in Harlingen. Het betreft de Commandopost Verbindingen – “Gefechtsstand” het zenuwcentrum tussen Kornwerderzand, Zurich en Franker – waarvandaan de Duitsers de Friese kustverdediging controleerden. De “Gefechtsstand” in de Engelse Tuin werd beschermd door drie kleinere bunkers, de zogenoemde. Tobruks. Dit waren kleine bunkertjes van gewapend beton waarin meestal eenmachinegeweer was opgesteld. Uiteindelijk bleek de bunker voor de Canadezen nauwelijks een hindernis bij de zuivering van de stad.
Na een korte artilleriebeschieting waadde de infanterie van de Highland Light Infantry of Canada in de avond van 16 april 1945 bij de Riedkade door de Ried. Met steun van een aantal Sherman tanks van de Sherbrooke Fusiliers werden de Duitsers aan de rand van Harlingen teruggedrongen. Eenmaal in de stad richtte de D Company van Captain William Douglas Tipper zich op de Franekerpoortsbrug en de Engelse Tuin. Vanwege de opgeblazen bruggen konden de tanks de stad niet in, maar dit lukte een aantal carriers wel. Deze lichte pantservoertuigen bewapend met een zwaar machinegeweer waren welkom in de stadsgevechten.
Rond 22.00 uur waren de Canadezen diep in het centrum doorgedrongen. Hierna werd de wil van de Duitsers om nog door te vechten snel gebroken. Omstreeks 4.30 uur was de stad in Canadese handen. Ook de Duitsers in de versterkte Engelse Tuin hadden de Canadezen niet kunnen ophouden.
Toen de Engelse Tuin in 2009 opnieuw werd ingericht was de bunker even zichtbaar. De drie Tobruks zijn allemaal met aarde opgevuld, maar nog steeds te zien. Eén ervan bevindt zich vlak bij de Hoogstraat, de andere twee liggen in het midden van de tuin.
De Engelse Tuin is aangelegd op het oude bolwerk, dat hoog boven de omgeving uittorende, en was daardoor een ideale plaats om de bunkers aan te leggen. De Tobruks waren verstopt in het park en daardoor van boven minder goed zichtbaar maar vanuit de bunker hadden de Duitsers ruim zich over de omgeving.
Harlingen
-
Zeilinstituut De Bird
Zeilinstituut De Bird Heeg
Tip
-
Boeren in het Bos
Boeren in het Bos
Nijeberkoop
-
Hoek van de Bant
Hoek van de Bant Anjum
-
VVV Joure
VVV Joure Joure
-
Smûk - Smuk Grutte Bell Tent
Smûk - Smuk Grutte Bell Tent Echtenerbrug
Direct boekbaar
-
Vakantiehuisje Peazemerlannen
Vakantiehuisje Peazemerlannen Moddergat
-
Peal 7: De Stripe
Peal 7: De Stripe
Dit punt is ûnderdiel fan it trajekt 'It Paad Werom Terherne'. Besjoch de hiele rûte. Let op: Dizze rûte begjint by it grutte parkearplak yn it doarp, Koailan 2
(harkje hjir nei it audioferhaal)
Yn de hjoeddeistige tiid is dit in drok knooppunt yn Terherne. In fernauwing yn de grutte ferkearsdyk fan it doarp. Dus sjoch goed om dy hinne en bliuw op’e stoepe en pas op foar auto’s en fytsers. Hjir oan de oare kant stiet it Skippershûs.
It Skippershûs draacht de namme sûnt in oantal jierren wer yn alle grutskens. ’t Schippershuis hyt sa omdat dit plak eartiids in oanlizplak wie foar skippers. It wie in dranklokaaltsje en in wachtlokaal fan beurtskippers. Dit punt yn it doarp wie in knooppunt, wêr’t alle farrûtes by elkoar kamen. Sjoch mar om dy hinne. Fanút Ljouwert, Snits, It Hearrefean, en De Gerdyk.
Rûn 1900 waard it ek in hotel. Dat wie de tiid dat de Rypkema’s ek dit horekabedriuw yn eigendom hiene. Dina Rypkema koe hearlik itensierde. It wie ek de tiid dat de earste toeristen yn Terherne delstrutsen. It wie redelik eksklusyf en der waard dan ek sprutsen fan “útsûnderlik en bedoarne wettersporters”, dy’t hjir kamen te iten. Yn dizze tiid hiet it noch café Rijpkema. Dizze namme bleau oant de twadde wrâldkriich en it is hieltyd mear útwreide.We geane fierder en we geane hjir links ôf de Stripe op.
Yn dizze strjitte doch ik wer in berop op dy. Do moast dy wer eefkes skrep sette om dy yn te libjen. Ik meitsje in sprong yn de tiid mei dy.We binne yn 1886
Do bist hjir no midden yn it nije ekonomyske swiertepunt fan Terherne. We rinne troch dizze drokke winkelstrjitte tusken de skippers, hun froulju en de hannelslju troch. De wenten oan de rjochterkant binne bedriuwen en winkels, dy’t bydrage oan de skipfeart. Hjkir fynst alle hannel foar boeren en skippers: fan mêst-, blok-, en pompmakker oant fouraazjehanneler.Tusken de winkels en de bedriuwen sjochtst in pear rintenierswenten, bygelyks op nûmer 6 en 7. We rinne rêstich fierder nei it ein fan de strjitrte, nei de helling fan Leemburg. Hier fynst it folgjende pealtsje.
Dit punt is ûnderdiel fan it trajekt 'It Paad Werom Terherne'. Klik hjir om werom te gean nei de rûte. Let op: Dizze rûte begjint by it grutte parkearplak yn it doarp, Koailan 2
Terherne
-
Peal 8: De Helling
Peal 8: De Helling
Dit punt is ûnderdiel fan it trajekt 'It Paad Werom Terherne'. Besjoch de hiele rûte. Let op: Dizze rûte begjint by it grutte parkearplak yn it doarp, Koailan 2
(harkje hjir nei it audioferhaal)
Foar dy leit de âlde helling fan Terherne. En it prachtige hûs hjir rjochts foar de bocht, wurdt yn dit jier bouwd troch de hellingbaas. Hy hat it nammentlik hiel drok. En dochs foarsjoch ik problemen yn de kommende jierren. En ik foarsiz dy dan ek dat hy binne 15 jier fallyt gean sil. Ik flústerje him dan ek yn dat er oarstappe moat op wurkje mei izer, mar hy is eigenwiis: ‘Hout sinkt net!”ropt er. En ja…. Do begrypst it al hoe’t it ôfrint mei him…..
Werom nei hjoed de dei.
We sjogge noch eefkes nei de húzen oan de oare kant fan it wetter. Hielendal op’e hoeke stiet in hûs dat útsjocht op de hjoeddeistige wite slûs fan Terherne. Witst noch dat ik it hie oer nòch in kroech op de oare úthoek fan Terherne? Dy stie dêr op dat plak. Op in úthoeke fan Terherne. It sil sa rûn 1853 west hawwe dat dizze kroech in nije namme krije moast, omt de namme doe, de “Brette Poask” referearre oan de skelnamme foar de Terhernsters. De kroechbaas ferneamde de kroech nei in oare úthoeke fan de wrâld, wêr’t yn dy tiid in oarloch fierd waard: De Krim.De Krim dus, ferneamd nei in oarloch. Yn earsten in kroech en letter in Buorkerij. Dizze buorkerij baarnde ôf yn de jierren sechtich fan de foarige ieuw. Hjir krige it toerisme ek in oare foarm. Yn de heal ôfbaarnde en opromme skuorre ûntstie in camping en der waard kampeart.
It wite hûs oan de oare kant fan de feart is in slûswachterwenning. Der wie hjir noch in kearslûs, foar stoarmeftich waar, wêr’t dizze wenning by hearde. Der is in soad bart op dit plak. Want eart dit punt fan Terherne it ekonomyske swiertepunt waard, hie Terherne al yndustry. Op it plak fan de kroech De Krim en letter de ôfbaarde kampearbuorkerij stiene dêrfoar mânske kalkovens. Myn ûnthâld jouwt oan dat dit tusken 1600 en 1840 west hat. Dit skiereilân wie dêrfoar in strategysk plak, want der koene makkelik turf en skelpen oanfierd wurde. Der stiene hjir 2 of 3 kalkovens. Mei skelpekalk waarden húzen metsele en sa hat it wite hûs oan de oare kant ek in leshûs west om de brande kalk te blussen (Dat wurdt ek wol lesse neamd). Dit ferklearret ek de lange foarm fan it hûs. It hûs hat dus mear funksjes hân. It wie in flinke yndustry foar in plakje as Terherne en troch alle tiden hinne kinne je sizze dat oan de úteinen fan Terherne de wichtige bedriuwen stiene. De farwegen wiene liedend.
Okee, we draaie ús no om. En we rinne itselde paad werom nei it boatestasjon, it begjin en einpunt fan de kuiertocht.
En dêr slute we dan ek mei ôf. Want hjir krekt foar it Skippershûs is noch in lyts stikje fan de splitsing fan ‘t âlde Far te sjen. In âld stikje farwei, wêroer’t tûzenen skippers fearn hawwe. Yn tiden mei wolfeart en yn tiden fan freeslike earmoede.
En hjir, oan de ein fan de rûte, fertel ik dy it bêst bewarre geheim fan dit doarp: Der is nammentlik gjin ferhaal, oantinken, lêste winsk of geheim dat ècht ferlern giet. Alles leit opslein, as yn in ieuwich ûnthâld, yn it wetter fan Terherne. En dit oarspronkelike stikje fan It Far is wêr’t ik se wei ha en dat is ek wêrst alyd wer nei werom keare kinst.
Wolst mear witte oer de fergetten ferhalen en de skiednis fan Terherne? En sikesto de poarte nei it ferline? Be3gjindan by dit stikje wetter en siz dúdlik myn namme: Broer Sipkes. Dan help ik dy op wei.
Of belje de pleatselike skilder (sûnt 1880) en doarpshystoarikus Theunis van der Meer.
Dit punt is ûnderdiel fan it trajekt 'It Paad Werom Terherne'. Klik hjir om werom te gean nei de rûte. Let op: Dizze rûte begjint by it grutte parkearplak yn it doarp, Koailan 2
Terherne