Locaties
4201 t/m 4224 van 5778 resultaten
-
Van Harenstraat 60
Van Harenstraat 60 Wolvega
-
Terherne (Terhorne)
Terherne (Terhorne) Terherne
-
Iepenarboretum
Iepenarboretum Joure
-
Het Stadhuis van Harlingen - Gedichtenroute
Het Stadhuis van Harlingen - Gedichtenroute Harlingen
-
De Koperen Tuin
De Koperen Tuin Leeuwarden
-
Coöperatieve zuivelfabriek "De Volharding",
Coöperatieve zuivelfabriek "De Volharding", dronryp
-
B&B de Gulden Halsband
B&B de Gulden Halsband Pingjum
-
Victoriuskerk Pingjum
Victoriuskerk Pingjum Pingjum
-
Monument Luite Middendorp
Monument Luite Middendorp Donkerbroek
-
Skûtsje Gudsekop
Skûtsje Gudsekop Akkrum
-
De heks van Katlijk
De heks van Katlijk
Het verhaal over de heks heeft meerdere bronnen en het is de vraag of ze allemaal waar zijn. Het begint met een paar kwajongens die zilver wilden stelen van oude Griet en door haar betrapt werden.
Stelen door kwajongens’ is van alle tijden, maar wat er daarna verteld wordt, is erg onwaarschijnlijk. De verteller zegt het gelezen te hebben in een geheim document in Tresoar over Katlijk. Laten we Griet zelf vragen wat er gebeurde.
Griet was als meisje naar het oude klooster van Schoten gebracht in Oudeschoot. De parochianen in de keuken hadden het meisje te eten gegeven en haar jarenlang van een slaapplaats voorzien bij het haardvuur. Ze hoorde daar dat er dagelijks missen werden opgevoerd voor het zielenheil van de overledenen en deze mysterieuze Gregoriaanse gezangen waren voor altijd in haar hoofd blijven rondzingen.
Griet vertelt: ‘Op de heide woon ik alleen, omdat het dorp mijn gezangen niet wil horen. Ik zing voor iedereen die in Katlijk is overleden en heb altaartjes gemaakt met kruiden en bloemen. Wie gaat anders voor hen zorgen? De mensen worden bij de nieuwe stenen kerk begraven, maar ik heb er geen vertrouwen in dat mensen alle dagen voor de doden de gezangen zingen.’
‘Ik leef vooral van mijn zandraapjes. Mensen weten niet hoe voedzaam ze zijn. Ik drink de melk van mijn geit. Jullie vragen me over die kwajongens die mijn zilver wilden stelen en weten niet waar ze zijn. Dat weet ik ook niet. Kijk naar de heide en het bos en jullie zien overal paden. Bij elk pad heb ik ‘tekens’ in de natuur gezet en het kan zijn dat de jongens daardoor verdwaalden. Misschien hoorden de jongens mijn gezang in de verte en lokte het hen naar de wereld van de overledenen. Maar misschien zijn ze gewoon uitgegleden in het sompige veengebied.’
Er werd in het dorp niet meer over Griet gesproken, maar de ouders van de jongens liet het niet los. Vele eeuwen later woonden de nazaten van deze families op de zandgrond in de nieuwe wijk De Akkers in Heerenveen. Laat daar nou het heidezand van Katlijk en van Griet haar betoverde tekens naar toe zijn gereden. Zo nu en dan horen deze families Gregoriaanse gezangen in hun kelders- en daar is niets aan te doen. Katlijk
-
Sier aan Zee
Sier aan Zee Hollum
-
Marboei MB63
Marboei MB63 Hegemer Mar
-
De Theetuin Wijckel
De Theetuin Wijckel Wijckel
-
Zijda Yachting - Iselmar Elite
Zijda Yachting - Iselmar Elite Jirnsum
Direct boekbaar
-
Openluchtzwembad De Sawn Stjerren
Openluchtzwembad De Sawn Stjerren Hallum
-
Natuurgebied de Bouwepet
Natuurgebied de Bouwepet Mûnein
-
Brasserie Het Bourgondische Gevoel
Brasserie Het Bourgondische Gevoel Drachten
-
Yachtcharter Houwink
Yachtcharter Houwink warten
-
Camping Ykema - Vrijstaande blokhut
Camping Ykema - Vrijstaande blokhut Sandfirden
Direct boekbaar
-
It Suderstrand
It Suderstrand Stavoren
-
Easterein (Oosterend)
Easterein (Oosterend) Easterein
-
Margrete, de weefster van Klein Katlijk
Margrete, de weefster van Klein Katlijk
Katlijk, 1525. De oudtante van Margrete woonde in het vrouwenklooster. Naast het vele bidden, deed ze veel handwerk. Net als Margrete nu zelf ook deed.
Margrete prikte zich in de vingers van de spintol. Bloed! Oppassen, het moest vooral de lichte schapenwol niet besmetten. Terwijl ze de vinger onwillekeurig in de mond stopte, dacht ze na over het voorval dat haar oudtante Margrete van Nes had verteld aan grootmoeder.
Haar oudtante had gewoond in het vrouwenklooster van de Steenkerk bij Luinjeberd, als onderdeel van de grotere Duitse orde van Nes bij Akkrum. Tante was altijd trots geweest op haar status binnen de familie. Zij en de andere zusters baden voor het zielenheil van hun families. Dagelijks de zeven getijden zingen en heel veel bidden, maar ook kleine handwerkjes verrichten.
Zo had tante de leiding gekregen over de spinnerij en weverij. Er werd geweven voor de grotere Orde, maar er werd ook in opdracht geweven. Grootmoeder uit Katlijk deed ook verstelwerk voor de zusters. Er waren meer mensen uit Klein Katlijk die het vlas van hun akkers weefden en het aan de Steenkerk verkochten. De weefsels waren nodig voor de ziekenzaal en de slaapvertrekken.
Op een dag was de abt onverwacht langsgekomen bij de zusters. Gauw deden de zusters hun kapjes op en werden de omslagdoeken steviger omgeslagen. De abt kwam natuurlijk nooit alleen, altijd waren er jonge lekenbroeders bij. De zusters behoorden te gaan staan, wanneer de mannen de weverij binnenkwamen. Het werd erg ongemakkelijk - voor ieders ogen werd duidelijk, dat lekenzuster Renttie haar periode had en dat er bloedvlekken op haar schoot waren gekomen, maar vooral dat de zachte witte wol besmet werd.
Margrete werd daarvoor streng berispt door de abt en dat had haar naamgenote Margrete van Lyts Ketlik altijd goed onthouden. Voor haar een reden om zich bewust te zijn van de rol van vrouwen en elkaar te waarschuwen als er mannen in de buurt zijn en zich gedeisd te houden. katlijk
-
Kloosterman natuurvoeding
Kloosterman natuurvoeding Giekerk