Locaties
985 t/m 1008 van 5727 resultaten
-
Waterherberg It Beaken
Waterherberg It Beaken Heeg
-
Bootverhuur Hospes - Zeilboot Dufour 30 Classic
Bootverhuur Hospes - Zeilboot Dufour 30 Classic Sneek
Direct boekbaar
-
B&B Zathe de Spieker
B&B Zathe de Spieker Itens
Direct boekbaar
-
Sint Martinuskerk Sneek
Sint Martinuskerk Sneek Sneek
-
Zijda Yachting - Brandaris
Zijda Yachting - Brandaris Jirnsum
Direct boekbaar
-
Recreatie Tolbrugschans - Grote Schans
Recreatie Tolbrugschans - Grote Schans Oudehorne
Direct boekbaar
-
Bike Totaal De Jong Bolsward
Bike Totaal De Jong Bolsward Bolsward
-
Happywhale Dokkum
Happywhale Dokkum Dokkum
-
Fruithof de Struikrover
Fruithof de Struikrover Oldeholtpade
-
Meester Jakob Klok in verzet
Meester Jakob Klok in verzet
Jakob (Jaap) Klok belandt in de oorlog in het verzet in Dantumadeel, waar hij een belangrijke rol speelt. Hij woont dan met zijn vrouw en vier kinderen in Akkerwoude, waar hij hoofd van de school is aan de Hearewei 13. Hij zal er tot 1947 blijven en er in de herinnering voortleven als ‘meester Klok'.
Jaap Klok is maatschappelijk betrokken en actief in de politiek als lid van de Sociaal Democratische Arbeiderspartij (SDAP). Als partijbijeenkomsten door de Duitse bezetter verboden worden, raakt Jaap bijna ongemerkt steeds meer betrokken bij verzetsactiviteiten. Hij geeft partij-informatie door, verspreidt illegale krantjes en zoekt adressen voor onderduikers. Jaap Klok sluit zich aan bij de LO, de 'Landelijke Organisatie voor hulp aan onderduikers' en wordt de dorpscommandant van Akkerwoude.
Hoewel de mensen niet precies weten wat hij allemaal doet, raakt wel bekend dat hij in het verzet zit. Ondanks het feit dat zijn naam wordt genoemd door NSB’ers besluit hij niet onder te duiken, maar probeert nog voorzichtiger te zijn en vaker niet dan wel thuis te slapen.
Als de oorlog op zijn einde loopt, wordt het voor Jaap heel druk. De Nederlandse overheid in ballingschap roept het spoorwegpersoneel op om in staking te gaan. Het verzet regelt de onderduik. Op 15 december 1944 wordt er in zijn school een groep van zo'n zestig vluchtelingen uit Arnhem opgevangen. Jaap is zijdelings betrokken bij de evacuatiecommissie, die adressen zoekt voor de onfortuinlijke Arnhemmers.
Kort daarna wordt hij bij het schoolhuis gewaarschuwd dat er bij een razzia in Murmerwoude heel nadrukkelijk naar schoolmeester Klok wordt gevraagd. Jaap aarzelt niet en vlucht snel het huis uit. Dat is niks te vroeg, want tien minuten na zijn vertrek staan de Duitsers al op de stoep. Vanaf dat moment weet Jaap dat hij heel voorzichtig moet zijn. Hij slaapt nu vrijwel nooit meer thuis.
Vanaf januari 1945 wordt de situatie ronduit explosief Na ontdekking van wapens op een boerderij in Aalsum worden de Duitsers fanatiek. Ze jagen meedogenloos op verzetslieden en wie ze te pakken krijgen proberen ze op allerlei manieren te laten praten. Ook de naam Jaap Klok wordt genoemd bij de verhoren. Reden om nu echt te vertrekken, met zijn hele gezin. De kinderen verblijven bij familieleden. Met zijn vrouw duikt hij elders onder.
Jaap heeft het in de laatste oorlogsweken heel druk. Er moet binnen het verzet veel georganiseerd en overlegd worden om de Duitsers te verjagen en de komst van de Canadezen voor te bereiden. Vlak voor Dantumadeel wordt bevrijd, zijn de inwoners al in alle staten van blijdschap. Ze steken de vlag uit en gaan massaal de straat op om feest te vieren. Door zijn verzetswerk weet Jaap precies hoe het met de bevrijding staat. Hij klimt op het balkon van het gemeentehuis en spreekt de mensen toe. Het gevaar is namelijk nog niet geweken. Ook als dat kort daarna wel zo is, zorgt hij ervoor de rust onder de bevolking van Dantumadeel te bewaren en zo de molestatie van een aantal NSB’ers te voorkomen.
Na de oorlog bekleedt hij in Friesland vele bestuurlijke functies. Jaap Klok overlijdt in 1984 op 91-jarige leeftijd. Als eerbetoon wordt van hem vijftien jaar later in Akkerwoude, dat dan Damwoude heet, een standbeeld opgericht.
Uit het boek ‘De oorlog een gezicht gegeven’ (deel 6) – Dantumadeel in de periode '40 - '45 van Yvonne te Nijenhuis en Reinder H. Postma
Damwald
-
De dorpsrechter en de lekkende dijk
De dorpsrechter en de lekkende dijk
Jan Wolters stond aan de rand van zijn akker; zijn ogen gericht op de horizon waar het veengebied begon. Hij rook de zure geur van het water dat zijn land binnensijpelde. Zijn grote boerderij, een van de dertig stemgerechtigde boerderijen in Katlijk, lag bijna op de kruising van het dorp. Als dorpsrechter droeg hij vele verantwoordelijkheden, maar deze kwestie raakte hem persoonlijk.
"Het is weer erger geworden, Jan," zei naburige boer Gerrit Cornelis, terwijl hij naderbij kwam. "Mijn gewassen verdrinken in dat zure water. We kunnen zo niet doorgaan."
Jan knikte bedachtzaam. "Ik weet het, Gerrit. De dijk tussen het veen en onze velden brokkelt af. We moeten iets doen."
"En wat ga jij eraan doen?" vroeg Gerrit met een toon van frustratie in zijn stem. "Je bent toch de dorpsrechter?"
Jan zuchtte. Hij wist dat zijn positie hem verplichtte om een oplossing te vinden, maar het was nooit eenvoudig. "Ik zal met de veenbazen praten. We moeten samenwerken om dit op te lossen."
De volgende dag begaf Jan zich naar het veengebied. Hij trof Klaas, de hoofdveenbaas, bij de rand van een turfput.
"Klaas," riep Jan, "we moeten praten over de dijk."
Klaas keek op, zijn gezicht getekend door jaren van zwaar werk. "Wat is er met de dijk, Jan?"
"Hij lekt. Ons land verzuurt. We hebben jullie hulp nodig om hem te repareren."
Klaas lachte schamper. "En waarom zouden wij dat doen? Wij hebben geen last van dat water."
Jan zijn geduld raakte op), maar hij beheerste zich. "Omdat we allemaal deel uitmaken van deze gemeenschap, Klaas. Als onze oogsten mislukken, lijdt iedereen eronder."
Na lange onderhandelingen werd er een overeenkomst bereikt. De veenwerkers zouden de noordelijke helft van de dijk repareren, de boeren de zuidelijke helft. Bovendien zouden de sloten aan beide zijden worden verbreed en uitgediept.
Toen Jan het nieuws aan de boeren bracht, was er gemor. "Waarom moeten wij de helft doen?" klaagde een van hen.
"Omdat het onze verantwoordelijkheid is om voor ons land te zorgen," antwoordde Jan vastberaden. "Dit is de enige manier waarop we allemaal kunnen winnen."
In de weken die volgden, werkten veenwerkers en boeren zij aan zij langs de twee kilometer lange dijk. Jan werkte mee, zijn handen even eeltig als die van de anderen.
Toen het werk voltooid was, stond Jan opnieuw aan de rand van zijn akker. De zure geur was verdwenen, vervangen door de frisse geur van vochtige aarde. Hij voelde een diepe tevredenheid, niet alleen vanwege de oplossing van het probleem, maar ook vanwege de samenwerking die het had voortgebracht.
In de verte zag hij Klaas naderen. De veenbaas knikte naar hem, een zeldzame glimlach op zijn verweerde gezicht. "Je had gelijk, Jan," zei hij. "We zijn inderdaad allemaal deel van dezelfde gemeenschap."
Jan glimlachte terug, wetend dat zijn werk als dorpsrechter, hoe uitdagend ook, momenten als deze de moeite waard maakte. In het kleine Katlijk met zijn 169 inwoners had hij het verschil gemaakt. En morgen zou er weer een nieuwe uitdaging zijn. Katlijk
-
De Grens van 't Bildt
De Grens van 't Bildt
De grenspaal 'de Terminus' bovenop de dijk geeft de grens aan tussen het nieuwe en het oude land.
Deze grenspaal geeft de scheiding tussen het oude en het nieuw-gewonnen land aan. De landaanwinning was zeer waardevol. Nieuwe vruchtbare landbouwgrond om te bewerken. Er ontstond echter een geschil over wie recht had op dit land. De oudlanders of de nieuwlanders.
Uiteindelijk gaat deze grond naar de nieuwlanders. Tegenwoordig is de landaanwinnin gestopt, om zo de prachtige buitendijkse natuur te beschermen.
Bildt
-
Camping it Krúswetter - Reidhin
Camping it Krúswetter - Reidhin Easterlittens
Direct boekbaar
-
Hotel Stedswal
Hotel Stedswal Sloten
Direct boekbaar
-
Huisboot Vakanties
Huisboot Vakanties Offingawier
Direct boekbaar
-
De grafsteen van 1624
De grafsteen van 1624
De grafsteen van 1624. Achter de kerk in Katlijk vind je een grafsteen met daarop de namen van Cornelis, Tietsje, Rienk en Bruchtje Eiles. De grafsteen is te bezoeken tijdens de openingstijden van de kerk.
Het gebeurde in het jaar 1640. Brechtje en haar vader Eyle Eiles openden de kerkdeur in Katlijk. Eyle liep doelbewust naar de oostkant van de kerk. De ochtendzon voelde nog koud aan door de ramen van de kerk. Hij legde zijn hand op de oude steen waarop in harde letters stond te lezen:Den 1624 is in den heere almachtich ontslapen die eerbare ende godtfruchtige frouwe Thiet Eiledochter en Regenerus Cornelis. Nog is hier begraven Rienk en Bruchtje Eiles
‘Is dit het dan, vader?’ vroeg Brechtje. Haar stem galmde zachtjes door de lege kerk. ‘Ja, hier liggen ze. Je grootvader Cornelis, je grootmoeder Tietsje en je oom en tante.’ Brechtje boog zich voorover en streek over de letters. ‘Ik heb ze nooit gezien.’ ‘Nee,’ zei Eyle, ‘en ik ook bijna niet.’
Brechtje vroeg: ‘Hoe is dat mogelijk? Was je vader niet bij jou thuis?’ Eyle haalde zijn schouders op. ‘Hij was een geleerd man. Hij was meer met zijn boeken bezig dan met ons. Hij was vaak in Joure en later in Franeker. Daar was hij rector.’ ‘Wat is een rector?’ vroeg Brechtje, haar ogen wijd open van nieuwsgierigheid. Eyle: ‘Een soort meester, maar dan op de Latijnse school. Hij gaf les aan mensen die zelf meester wilden worden.’ Brechtje: ‘En waarom werden ze in de kerk begraven? Dat doet toch niet iedereen?’
Eyle vertelt: ‘Nee, alleen belangrijke mensen, of degenen die ervoor betaald hebben.’
Brechtje keek naar de steen. ‘Denk je dat jij hier ook begraven wordt?’
Eule antwoordt: ‘Ik weet het niet, meisje. Het zou kunnen. Maar ik denk niet dat het meer is zoals vroeger.’ Ze zweeg even. ‘Weet moeder meer over mijn grootouders?’ Eyle praat nu zachtjes en meer in zichzelf: ‘Jouw moeder …..je moeder spreekt niet graag over mijn vader en grootvader. Ik had toen geen warm thuis. Wij praten er niet veel over.’
Brechtje keek haar vader aan. ‘Ik wil meer weten. Meer dan jij me verteld hebt.’ Eyle knikte langzaam: ‘Dan moeten we zoeken in de boeken, in het dorp. Misschien in Franeker. Jouw grootvader en mijn vader hebben daar sporen achtergelaten. Je bent al net zo nieuwsgierig als hij.’ Brechtje glimlachte. ‘Misschien wil ik ook doorleren. Ik wil meer leren dan spinnen en brood bakken.’ Eyle lachte zachtjes. ‘Dan laat ik je zien waar hij is geweest. Misschien kom je dan meer over hem te weten dan ik ooit heb gedaan.’
Ze pakte zijn hand en daar stonden ze samen, vader en dochter, bij een steen vol vragen. Katlijk
-
it Dreamlân vakantiewoning
it Dreamlân vakantiewoning Kollumerpomp
-
Aqua State - Brekkense Wiel 2
Aqua State - Brekkense Wiel 2 Lemmer
Direct boekbaar
-
The Tosti Club Leeuwarden
The Tosti Club Leeuwarden Leeuwarden
-
Crush Concept Store
Crush Concept Store Dokkum
-
Hof van de Koning
Hof van de Koning Heerenveen
-
Spoekeloantsje
Spoekeloantsje Eastermar
-
Ioannis Theatertsjerke Wier
Ioannis Theatertsjerke Wier Wier
-
Streetjump Leeuwarden
Streetjump Leeuwarden Leeuwarden