Locaties
1249 t/m 1272 van 6080 resultaten
-
Reigersbos
Reigersbos Oranjewoud
-
Toxopeus op de dijk
Toxopeus op de dijk Anjum
-
Achlumer molen
Achlumer molen Achlum
-
Simon Minnesma Kaatsclinics
Simon Minnesma Kaatsclinics Dronrijp
-
Appartementenboerderij De Gelukskever
Appartementenboerderij De Gelukskever Hindeloopen
-
Stichting Cultuurbevordering Lemsterland
Stichting Cultuurbevordering Lemsterland Lemmer
-
Camperplak en Rustpunt it Fjûrlân
Camperplak en Rustpunt it Fjûrlân Aldeboarn
-
Sint-Johanneskerk Hoorn
Sint-Johanneskerk Hoorn Hoorn
-
Villa Vaartzicht
Villa Vaartzicht Leeuwarden
-
VVV Terschelling
VVV Terschelling Terschelling West
Duurzaamheidsinfo
-
Kruiwagen met turf
Kruiwagen met turf Drachten
-
Rondvaartbedrijf Neptunus
Rondvaartbedrijf Neptunus Harlingen
Tip
Duurzaamheidsinfo
Direct boekbaar
-
Liefke
Liefke Leeuwarden
-
Woning Scharsterbrug
Woning Scharsterbrug Scharsterbrug
Direct boekbaar
-
Pettebosk
Pettebosk Earnewâld
-
Gedicht: Iisbaan yn ‘e maaitiid | Syds Wiersma
Gedicht: Iisbaan yn ‘e maaitiid | Syds Wiersma
IISBAAN YN ‘E MAAITIID
de besiele stilte
fan it ferlitten hillichdom
it is maaitiid mar bûten de tiid
briedt it fersûpte gers
mei nij grien
de tút fan bestimming deryn
yn it sin bringer fan
it streekjen it frij fielen ûnierdsk
njonken
it knoffeljen it minsklik mislearjen
ah jasses
hakkekruk dreamt fan iisprinsesse
yn in nije winter tute
as by in âlde hit de wrâld in dûnsflier
dy kâldreade blommewangen
ûnder har mûtse fan suvere ingelewol wei
te plôkjen
de tút
de dream oer de tút
de tút fan de dream oer de tút
hakkekruk knoffelet troch
de hope op de tút fan de dream oer de tút
waard in wynwak
drûget op, lit de feiten sprekke:
ferlitten timpel, dea iis
gjin prinsesse by machte Mantgum
-
James' Bar & Bistro
James' Bar & Bistro Drachten
-
E-bike oplaadpunt - Museum 't Tsiispakhus
E-bike oplaadpunt - Museum 't Tsiispakhus Wommels
-
TOP Bakkeveen
TOP Bakkeveen Bakkeveen
-
Museumboerderij Ot en Sien
Museumboerderij Ot en Sien Surhuisterveen
-
Jacobikerk Wommels
Jacobikerk Wommels Wommels
-
Camperplaats Kiesterzijl
Camperplaats Kiesterzijl Herbaijum
-
Voorarrest
Voorarrest Leeuwarden
-
Hendrik Anskes en de musketten
Hendrik Anskes en de musketten
Het was in het rampjaar 1672. In de frisse meimorgen had Hendrik Anskes, een jonge boer aan de westrand van Katlijk, besloten om de slootkanten van zijn zuidelijkste veld bij de Tjonger te maaien.
Gisteren had hij het ruige hooiland al gesleept met zijn paard. Vandaag wilde hij de kanten nog maaien. Terwijl hij in gedachten maaide, stootte hij op iets hards. De doffe dreun trilde door tot het houten handvat. Hendrik fronste, keek naar de grond en knielde neer. Hij veegde de aarde weg en staarde naar de glinstering van metaal—nieuw metaal, glanzend en koud. Zijn vingers gleden langs de lengte van een musketloop, onlangs begraven, het hout nog glad en ongeschonden door de tijd. Toen hij verder groef, vond hij meer—drie, vier musketten; hun ijzeren lopen in een rij onder de grond, samen met lange pieken die ernaast lagen.
Dit waren geen overblijfselen van oude oorlogen. Ze waren niet oud, hier nog niet lang geleden verstopt. Zijn hartslag versnelde. Waarom zou iemand nieuwe wapens begraven, zo dicht bij zijn boerderij? Voor wie waren ze bedoeld? Het Friese platteland had zijn deel aan onrust gekend, maar dit was anders. Een geheim.
Hendrik keek naar de Tjonger, waarvan het water traag richting de horizon stroomde. Hij was een boer, geen soldaat en had geen zin in dit soort mysteries. Hij dacht aan Jan, zijn oudere broer en dorpsrechter; de man die zou weten wat te doen. Net vandaag had zijn broer een afspraak met de grietman van Schoterland. De afgelopen weken had hij zich alleen kunnen concentreren op de dood van zijn vrouw en hij had weinig aandacht besteed aan de geruchten over een veldslag op de heide verderop. De ontdekking van de wapens voelde als een extra last in een tijd van verdriet. ‘Morgen’, zei hij tegen zichzelf. Morgen zou hij het melden. Voor nu moesten de wapens verborgen blijven.
Snel verzamelde hij de musketten en liep naar de oever van de rivier, waar de grond zachter en losser was. Knielend groef hij een ondiep gat in de bedding van de rivier. Terwijl hij werkte, droeg de wind fluisteringen van verre onrust, maar Hendrik hield zijn gedachten gefocust op de taak. De wapens werden opnieuw begraven, verborgen tussen de geknoopte rietstengels. Hij drukte de aarde aan, wetende dat ze daar zouden blijven totdat hij besloot het iemand te vertellen.
Het dorp Katlijk zou zich Hendrik Anskes niet herinneren, maar het waren oude wapens en wat paardenskeletten—lang geleden begraven in de losse grond bij de Tjonger—die de sleutel vormden tot een mysterie dat misschien nooit opgelost zou worden. Katlijk